Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Regio Zuidoost Nederland, locatie Maastricht,
Rechtbank Limburg
De rechtbank Limburg behandelde een verzoek van de vader tot wijziging van het hoofdverblijf van zijn 15-jarige dochter, die momenteel bij de moeder verblijft. De vader stelde dat de dochter klem zat tussen de ouders, met stagnatie in haar ontwikkeling en een gebrek aan medewerking van de moeder aan noodzakelijke hulpverlening. De ondertoezichtstelling was reeds uitgesproken vanwege ernstige zorgen.
Tijdens de zitting kwamen de ouders, de gezinsvoogd, de raad en de minderjarige zelf aan het woord. De minderjarige gaf aan bij haar moeder te willen blijven, maar ook dat zij haar vader beter wil leren kennen voordat ze een definitieve keuze maakt. De gezinsvoogd stond niet achter het verzoek vanwege onvoldoende zicht op de belangen van de minderjarige.
De rechtbank constateerde dat de samenwerking tussen ouders onvoldoende is en dat de opvoedingsklimaat bij vader beter aansluit bij de belangen van de dochter. De vader heeft zich ingezet en staat open voor begeleiding, terwijl de moeder medewerking aan hulpverlening en zorgregeling onvoldoende toont. Daarom werd het hoofdverblijf gewijzigd naar de vader, met een beperkte zorgregeling voor de moeder van één weekend per 14 dagen, onder toezicht van de gezinsvoogd.
Deze beslissing is gericht op het creëren van rust en stabiliteit voor de minderjarige, met het oog op haar ontwikkeling en welzijn, en is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hoofdverblijf van de minderjarige wordt gewijzigd naar de vader met een beperkte zorgregeling voor de moeder.