ECLI:NL:RBLIM:2017:12341
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.A.G. van Baal
- F.L.G. Geisel
- D.C.I. van Delft
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeplichtigheid aan namaken van bankbiljetten wegens ontbreken voorwaardelijk opzet
De rechtbank Limburg behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplichtigheid aan het namaken van bankbiljetten in de periode van januari tot mei 2014. De officier van justitie stelde dat verdachte medeverdachte toegang gaf tot een woning waar vals geld werd vervaardigd, terwijl de verdediging betoogde dat verdachte geen opzet had en de geleverde folie bedoeld was voor het bedrukken van T-shirts.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte opzettelijk middelen voor het namaken van bankbiljetten heeft verschaft. Ook werd vastgesteld dat het enkel openen van de deur voor een persoon die vermoedelijk iets illegaals kwam doen onvoldoende is voor het aannemen van voorwaardelijk opzet op medeplichtigheid.
Verdachte had slechts een vermoeden dat de zegels gebruikt konden worden voor vals geld, maar dit is volgens de rechtbank onvoldoende voor een bewezenverklaring. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het tenlastegelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplichtigheid wegens ontbreken van voorwaardelijk opzet.