Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.Partiële nietigheid dagvaarding
- het onderzoek naar de rekeningen bij de [naam bank 1] te Maaseik;
- het aantreffen van de grote geldbedragen in geheime bergplaatsen, en van auto’s en sieraden in/bij de woningen aan de [adres 1 en 2] te Venlo op 8 mei 2010, 23 mei 2011 en 7 februari 2012;
- de wetenschap van de verdachten dat [persoon 1] zich bezig hield met drugscriminaliteit;
- het feit dat er ook na de aanhouding van [persoon 1] nog geldbiljetten die in de woning in een geheime bergplaats achter de koelkast zijn aangetroffen bij [naam bank 2] zijn geweest;
- het aantreffen van dacty- en/of DNA-sporen van de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op de verpakkingen/elastieken van de geldbiljetten;
- op/in tassen die gevonden zijn bij de doorzoeking in [adres 1] zat grond, waarvan het NFI rapporteert dat de kans dat de grond uit de kruipruimte van [adres 2] komt veel waarschijnlijker is dan dat deze grond uit de kruipruimte van [adres 1] komt;
- de inhoud van de OVC-gesprekken tussen medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] ;
- de inhoud van een tapgesprek van [persoon 2] , waaruit blijkt dat hij wetenschap had van de hoogte van het aangetroffen geld in de bergruimte achter de koelkast op een moment dat het geld nog niet is geteld;
- het OVC-gesprek tussen [persoon 2] en [persoon 3] waaruit blijkt dat verdachte wordt ingezet om geld op te halen;
- twee telefoongesprekken van 21 januari 2011 tussen [persoon 1] en medeverdachte [medeverdachte 1] ;
- het feit dat verdachte minstens drie keer naar de [naam bank 1] is geweest in verband met de rekeningen die op zijn naam waren geopend, namelijk op 7 november 2008 om [persoon 1] als gevolmachtigde toe te voegen, op 10 juli 2009 toen hij opdracht gaf tot verkoop en op 22 juli 2009 toen hij samen met medeverdachte [medeverdachte 2] het geld heeft opgehaald;
- in de slaapkamer van verdachte wordt in 2010 een geldbedrag van meer dan 10.000 euro aangetroffen;
- de verklaringen van medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] over het geld dat in hun woning is aangetroffen;
- de verklaring van medeverdachte [medeverdachte 3] dat zij geld in haar woning voor iemand bewaarde, waarbij zij later aangeeft dat het geld van [persoon 1] is;
- de verklaringen van medeverdachte [medeverdachte 1] over het storten van geld afkomstig van [persoon 1] op de rekeningen van de [naam bank 1] ten behoeve van de aankoop van kasbons, dat [persoon 1] geld telde in de schuur, dat [persoon 1] het geld heeft verdiend met drugshandel/-productie en dat [persoon 1] het door hem verdiende geld naar zijn ouders bracht alwaar het werd bewaard;
- verdachte weet van de criminele activiteiten van zijn vader en het feit dat het geld een criminele herkomst had, maar leeft er goed van, rijdt in dure auto’s en heeft in 2008 twee auto’s op naam staan.
- er is cash geld gestort op bankrekeningen in het buitenland;
- bankrekeningen zijn op hun naam gezet, waarna verdachten gezamenlijk geld zijn gaan ophalen;
- zij hebben gezamenlijk geld verpakt, geseald en vervolgens verstopt. Er is ook geld van de ene woning naar een verstopplaats in de andere woning gebracht door verdachten;
- zij hebben wisselende en leugenachtige verklaringen afgelegd over de herkomst van het geld;
- ze hebben contant geld aangenomen en uitgegeven, waarvan zij wisten dat het geen legale herkomst had.
- het geldbedrag van 65.097 euro valt buiten de -na wijziging tenlastelegging- ten laste gelegde periode;
- de kasbonnen betreffende het geldbedrag van 120.000 euro zijn ook aangekocht buiten de ten laste gelegde periode;
- het zijn van bewoner van de woning aan de [adres 1] te Venlo – hetgeen wordt betwist – is onvoldoende om een nauwe en bewuste samenwerking met betrekking tot het witwassen van het aangetroffen geldbedrag van 275.790 euro bewezen te verklaren;
- het dossier bevat – ondanks uitvoerig onderzoek – geen bewijs voor verdachte’s betrokkenheid bij de in/bij de woningen aan de [adres 1 en 2] te Venlo aangetroffen geldbedragen, auto’s en sieraden. Er zijn geen sporen, geen gesprekken en geen verklaringen die in de richting van verdachte wijzen. Het enkele OVC-gesprek van 24 september 2011 en de belastende verklaring van medeverdachte [medeverdachte 2] zijn bij gebrek aan steunbewijs onvoldoende;
- met betrekking tot de rekeningen in België is het evident dat verdachte de rekeningen bij de [naam bank 1] in Maaseik (België) niet heeft geopend. Hij is zelfs niet alleen naar de bank gegaan, maar samen met en in opdracht van zijn familie. Het onder deze omstandigheden beschikbaar stellen van je rekening is dan ook niet voldoende om te spreken van medeplegen van witwassen.
. [16]
- een geldbedrag van ongeveer 120.000 euro;
- een geldbedrag van ongeveer 10.800 euro;
- een Mercedes [kenteken 1] .
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De straf en/of de maatregel
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart de dagvaarding partieel nietig met betrekking tot het onder 1 primair en subsidiair ten laste gelegde onderdeel ‘een of meer ander(e) voorwerp(en)’;
- verklaart de dagvaarding partieel nietig met betrekking tot het onder 1 primair en subsidiair ten laste gelegde onderdeel ‘een geldbedrag van ongeveer 65.097 euro (contante betaling kasbons aan toonder in België in januari 2002)’.
Vrijspraak
onder 1 primair en het onder 2ten laste gelegde feiten;
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 4.5 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 5 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor het
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit;
- veroordeelt de verdachte voor het onder
- beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van
verklaart verbeurdde volgende in beslag genomen voorwerpen:
Onderzoek Torenvalk, 2010
Onderzoek Condor, 2011
Onderzoek Visarend, 2012
onttrekt aan het verkeerde volgende in beslag genomen voorwerpen:
Onderzoek Torenvalk:
[adres 5] Straelen (BRD)
teruggavevan de volgende in beslag genomen voorwerpen aan verdachte: