Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
[moeder verdachte] en [vader slachtoffers]) zal waken”. Bovendien verklaart [vader slachtoffers] dat [moeder verdachte] op 1 augustus 2016 tegen hem heeft gezegd dat verdachte op 30 juli 2016 tegen haar had gezegd dat ze er een einde aan wilde maken en dat ze de kinderen daarin mee zou nemen.
‘dat rooie’en
‘het rooie in de ogen’, in de ochtend, toen ze [slachtoffer 1] uit belde haalde, constateerde. Uit het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] [6] (stagiair bij Anacare) blijkt dat [verdachte] tegen [getuige 2] heeft verklaard dat ze al om 8.00 uur wakker waren (
de rechtbank begrijpt: verdachte en de kinderen).
‘dat rooie’en
‘het rooie in de ogen’bij [slachtoffer 1] meldt) iemand anders bij verdachte en de kinderen in de kamer aanwezig is geweest, stelt de rechtbank vast dat in de periode dat het letsel is ontstaan en zichtbaar is geworden enkel verdachte en de kinderen in de kamer van verdachte aanwezig zijn geweest.
(de rechtbank begrijpt: verdachte). Ik zag dat [slachtoffer 1] raar liep, alsof ze alcohol op had. Ik zag dat [slachtoffer 1] niet stabiel liep en haar evenwicht niet kon bewaren. Ik zag vervolgens ook dat [slachtoffer 2] hetzelfde liep, ook onstabiel en hij kon zijn evenwicht ook niet bewaren. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] liepen richting het woongedeelte. Ik zag dat [slachtoffer 1] ondertussen al twee of drie keer was gevallen. [slachtoffer 2] hield zich met één hand vast aan de salontafel om niet om te vallen.
verdachteeen afsluitbare bak voor de medicatie, hiervan maakte ze echter geen gebruik.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
beidekinderen, [slachtoffer 1] èn [slachtoffer 2] , van het leven te beroven. Verder stelt de rechtbank vast dat bij [slachtoffer 2] geen petechiën of andere verwurgingsverschijnselen zijn aangetroffen, terwijl bij [slachtoffer 1] (evident) wél een begin van uitvoering van het door haar voorgenomen misdrijf is geconstateerd. Tot slot stelt de rechtbank vast dat op 31 juli 2016 beide kinderen in leven waren.
6.De straf en/of de maatregel
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- ontslaat verdachte van alle rechtsvervolging ten aanzien van hetgeen als feit 1 onder 3.4 is bewezenverklaard;
- verklaart de verdachte strafbaar ten aanzien van hetgeen als feit 2 onder 3.4 is bewezenverklaard;
- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 2 jaren, waarvan 1 jaar voorwaardelijk en met een proeftijd van 10 jaren;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd:
- zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit of
- ten behoeve van het vaststellen van haar identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de Identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of
- geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;
- geeft de reclassering opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
- beveelt dat de algemene en bijzondere voorwaarden, alsmede het door de reclassering uit te oefenen toezicht, dadelijk uitvoerbaar zijn;
- verklaart de vordering van de benadeelde partij [vader slachtoffers] niet-ontvankelijk;
- verklaart de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk.