ECLI:NL:RBLIM:2017:638
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening vervangende toestemming voor naamswijziging minderjarige in belang van het kind
In deze zaak vraagt de moeder vervangende toestemming voor het indienen van een verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van haar minderjarige kind. De Raad voor de Kinderbescherming bracht een rapport uit waarin zij adviseert het verzoek toe te wijzen, omdat de wens van de minderjarige bestendig is en in haar belang. De minderjarige ervaart een negatieve associatie met haar vader en wil de achternaam van haar moeder dragen.
De vader verzet zich tegen het verzoek en stelt dat de wens ingegeven is door de moeder en dat de achternaam de enige overgebleven band met zijn dochter is. Hij uit zorgen over de hulpverlening en de negatieve invloed van de moeder op de loyaliteitsrelatie.
De rechtbank weegt de rapportage van de Raad, de verklaringen van partijen en de ontwikkeling van de minderjarige. Hoewel er zorgen zijn over de problematiek rondom de vader en de hulpverlening, acht de rechtbank de wens van de minderjarige authentiek en bestendig. De naamswijziging wordt gezien als noodzakelijk om rust te brengen en de ontwikkeling van het kind te bevorderen.
De rechtbank besluit de vervangende toestemming aan de moeder te verlenen en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open binnen drie maanden.
Uitkomst: De rechtbank verleent vervangende toestemming aan de moeder voor het indienen van het verzoek tot naamswijziging van de minderjarige.