Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding van 9 mei 2017, met producties,
- de brief van 31 mei 2017 van [gedaagde] , met producties,
- de mondelinge behandeling van 1 juni 2017, met de pleitaantekeningen van [eiseres] en de pleitnota van [gedaagde] ,
- de brief van 26 juni 2017 van [eiseres] , houdende een akte,
- de brief van 26 juni 2017 van [gedaagde] , houdende bezwaar tegen de akte van [eiseres] , tevens voorwaardelijke antwoordakte,
- de brief van 30 juni 2017 van [eiseres] , houdende nadere akte/kennisgeving,
- de e-mail van 30 juni 2017 van [gedaagde] waarbij vonnis wordt gevraagd,
- de brief van 3 juli 2017 van [gedaagde] , houdende bezwaar tegen de nadere akte/kennisgeving van [eiseres] , tevens voorwaardelijke antwoordakte.
- de vonnisbepaling.