Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- het exploot van dagvaarding d.d. 19 juli 2017
- de op 2 augustus 2017 ter griffie ontvangen akte overlegging producties en vermeerdering van eis
- de mondelinge behandeling ter zitting van 3 augustus 2017.
2.De feiten
3.De vordering en het geschil
- de veroordeling van [gedaagde] om het gehuurde binnen drie dagen na betekening van dit vonnis te verlaten en te ontruimen en onder afgifte van de sleutels ter vrije beschikking van Mauriks te stellen, op verbeurte van een dwangsom van € 500,00 per dag dat [gedaagde] daarmee in gebreke blijft (zowel ten aanzien van de ontruiming als ten aanzien van het afgeven van de sleutels);
- de veroordeling van [gedaagde] om aan Mauriks € 4.550,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de respectieve vervaldatums van de huurtermijnen tot aan de dag van voldoening;
- de veroordeling van [gedaagde] om aan Mauriks € 650,00 per maand te betalen voor iedere maand vanaf 1 september 2017 (zo begrijpt de kantonrechter dit, nu gesteld is dat de het gevorderde bedrag van € 4.550,00 de onbetaald gelaten huur tot en met augustus 2017 betreft) tot het tijdstip van de ontruiming;
- de veroordeling van [gedaagde] tot betaling van de overeengekomen boete ad € 4.525,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van opeisbaarheid tot aan de dag van voldoening,
- de veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 585,00 als vergoeding van buitengerechtelijke kosten
- de veroordeling van [gedaagde] tot betaling van de waarborgsom
- de veroordeling van [gedaagde] tot betaling van de proceskosten en de nakosten met rente.