Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Verloop van de procedure
- het verweerschrift met bijlagen van ABN, ter griffie van de rechtbank Limburg ontvangen op 13 januari 2017
Rechtbank Limburg
Verzoeker, voormalig tandarts, was arbeidsongeschikt en heeft zijn praktijk verkocht tegen een afbraakprijs. Na terugkeer uit Thailand bleek zijn appartement door de hypotheekhouder verkocht te zijn wegens wanbetaling, met een aanzienlijk verlies. Verzoeker ontving een Nederlandse pensioenuitkering van €463 netto per maand, waarop beslag was gelegd door ABN AMRO Hypotheken Groep B.V. Verzoeker stelde dat ABN geen rekening hield met een beslagvrije voet en verzocht de rechtbank deze vast te stellen.
ABN voerde verweer en stelde dat verzoeker vermoedelijk meer inkomsten had dan alleen zijn pensioenuitkering, wat zij met bewijsstukken onderbouwde. Verzoeker en zijn gemachtigde hebben dit verweer onvoldoende gemotiveerd weerlegd. Tijdens de mondelinge behandeling was verzoeker afwezig wegens gebrek aan financiële middelen, en zijn gemachtigde reageerde niet.
De kantonrechter concludeerde dat het verzoek onvoldoende was onderbouwd en wees het af. Tevens werd verzoeker veroordeeld in de proceskosten van ABN van €400. De beschikking is in het openbaar uitgesproken door kantonrechter P. Hoekstra.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van de beslagvrije voet wordt afgewezen en verzoeker wordt veroordeeld in de proceskosten.