Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding;
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
- dagvaarding € 99,15
- griffierecht 470,00
- salaris gemachtigde
Rechtbank Limburg
In deze civiele procedure vordert ABN AMRO betaling van een openstaande schuld op een rekening-courant met kredietfaciliteit van €20.000,00. De rekening is geopend door één van de ex-echtelieden en valt binnen de huwelijksgoederengemeenschap. De bank stelt dat beide ex-echtelieden hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de vordering.
De gedaagde voert verweer dat onduidelijkheid bestaat over de afwikkeling van twee dossiers bij GGN en beroept zich op afspraken in het echtscheidingsconvenant over vermogensverdeling. De rechtbank oordeelt dat deze onderlinge afspraken de bank niet raken en dat de bank vrij is om ieder van de hoofdelijk aansprakelijke partijen aan te spreken.
De gedaagde heeft onvoldoende bewijs geleverd om de vordering te betwisten. De rechtbank wijst de vordering toe, veroordeelt de gedaagde tot betaling van €4.858,17 plus rente en proceskosten, en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €4.858,17 plus rente en proceskosten, met hoofdelijkheid van ex-echtgenoten bevestigd.