Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Het procesverloop
2.De gronden van het wrakingsverzoek
3.Het standpunt van de kantonrechter
nietvier secretaresses aan een open lijn aanwezig zijn geweest”, welke opmerking door mr. Littooij werd beaamd.
Rechtbank Limburg
Verzoekster, EUREGIO RECYCLING B.V., diende een wrakingsverzoek in tegen kantonrechter mr. R.A.J. van Leeuwen in een civiele procedure over een betwiste overeenkomst van opdracht. Na een comparitie op 30 augustus 2017 werd het wrakingsverzoek eerst ingetrokken, maar later opnieuw ingediend met nieuwe gronden.
De kantonrechter ontkende vooringenomenheid en stelde dat de nieuwe gronden niet tijdig waren ingediend. Tijdens de zitting van 15 september 2017 gaf de kantonrechter nadere toelichting op zijn opmerkingen, waaronder een opmerking over secretaresses die meeluisterden, welke verzoekster als bewijs van partijdigheid zag.
De wrakingskamer oordeelde dat geen feiten of omstandigheden waren gesteld die objectief een vrees voor partijdigheid rechtvaardigen. Kritische vragen van de kantonrechter en zijn opmerkingen werden als misverstand beoordeeld. Het verzoek tot wraking werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is afgewezen wegens het ontbreken van objectieve feiten die partijdigheid rechtvaardigen.