Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
150 dagen dient te worden opgelegd, waarvan 123 dagen voorwaardelijk, met aftrek van het voorarrest en een proeftijd van 2 jaar. Er bestaan bij de raad en ook bij de jeugdreclassering nog de nodige twijfels over de vraag of verdachte de positieve ontwikkeling in zijn gedrag zal volhouden als de schorsingsvoorwaarden, waaronder het elektronisch toezicht beëindigd, worden. De rechtbank is daarom met de officier van justitie van oordeel dat een proeftijd van 1 jaar onvoldoende is.
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie van 150 dagen, waarvan 123 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;
stelt als algemene voorwaarden dat de veroordeelde
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt en,
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;
stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde
- veroordeelt de verdachte tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 150 uren;
- beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende jeugddetentie zal worden toegepast van 75 dagen;
€ 1.114,47 te berekenen over de periode vanaf 29 april 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening;