Uitspraak
RECHTBANK limburg
Stichting Behoud Brunssummerheide, te Heerlen, verzoekster,
Stichting Ruitersport Brunssummerheide, te Brunssum.
Rechtbank Limburg
Stichting Behoud Brunssummerheide maakte bezwaar tegen de verlening van een tijdelijke omgevingsvergunning aan Stichting Ruitersport Brunssummerheide voor het plaatsen van een rijhaltent op een locatie in Landgraaf. De rijhaltent was in strijd met de bouwregels van de beheersverordening, maar de gemeente paste de kruimelgevallenregeling toe om toch vergunning te verlenen.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de manegeactiviteiten op de locatie zijn toegestaan en dat de gevolgen hiervan reeds in de beheersverordening zijn betrokken. Het verzoek richtte zich uitsluitend tegen de rijhaltent, niet tegen mestopslag of stapmolen. De voorzieningenrechter oordeelde dat de rijhaltent niet hoeft te voldoen aan de redelijke eisen van welstand en dat de locatie, omringd door bomen, het bouwwerk passend maakt in het landschap.
Een verkeerskundige beoordeling toonde aan dat de rijhaltent geen significante toename van verkeer of negatieve effecten op luchtkwaliteit veroorzaakt. De natuurwaarden en het nabijgelegen Natura 2000-gebied worden naar voorlopig oordeel niet onevenredig aangetast. Verzoekster kon onvoldoende onderbouwen dat de rijhaltent negatieve gevolgen heeft voor natuur of verkeersveiligheid.
Gelet op deze overwegingen werd het verzoek om schorsing van de vergunning afgewezen. De vergunninghoudster draagt het risico zolang de vergunning niet onherroepelijk is. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om schorsing van de tijdelijke omgevingsvergunning voor de rijhaltent wordt afgewezen.