ECLI:NL:RBLIM:2018:12478
Rechtbank Limburg
- Wraking
- M.B.T.G. Steeghs
- J.W. Rijksen
- M.J.M. Goessen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen wrakingskamer rechtbank Limburg
Verzoeker heeft op 27 maart 2018 een wrakingsverzoek ingediend tegen twee leden van de wrakingskamer van de rechtbank Limburg en uiteindelijk tegen alle leden van deze kamer. Dit verzoek betrof de wraking van mr. D.J.E. Hamers-Aerts en andere rechters van de wrakingskamer.
De wrakingskamer heeft het verzoek op 12 april 2018 reeds afgewezen. Op 16 mei 2018 vond een nieuwe behandeling plaats waarbij verzoeker opnieuw de wrakingskamer heeft gewraakt. De wrakingskamer heeft deze wraking niet aanvaard.
De wrakingskamer oordeelt dat het verzoek gebaseerd is op feiten en omstandigheden die voor elke samenstelling van de wrakingskamer gelden, waardoor het verzoek onder artikel 9.1 onder h van het wrakingsprotocol valt. Dit artikel sluit wraking uit in dergelijke situaties, waardoor het verzoek wordt afgewezen.
De beslissing is genomen door de voorzitter mr. M.B.T.G. Steeghs en de leden mr. J.W. Rijksen en mr. M.J.M. Goessen, en is op 16 mei 2018 in het openbaar uitgesproken en op 25 mei 2018 schriftelijk vastgelegd. Tegen deze beslissing staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de wrakingskamer wordt afgewezen op grond van artikel 9.1 onder h van het wrakingsprotocol.