ECLI:NL:RBLIM:2018:12482
Rechtbank Limburg
- Wraking
- M.B.T.G. Steeghs
- W.Th.M. Raab
- K.A.J.C.M. van den Berg Jeths-van Meerwijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen leden meervoudige strafkamer rechtbank Limburg
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de leden van de meervoudige strafkamer van de rechtbank Limburg, omdat de rechtbank geweigerd had meerdere getuigen te horen. Dit verzoek werd mondeling behandeld op 19 juni 2018, waarbij zowel verzoekster als de rechters hun standpunten toelichtten.
De wrakingskamer beoordeelde of er feiten of omstandigheden waren die de rechterlijke onpartijdigheid konden schaden. Hierbij werd het subjectieve criterium (persoonlijke overtuiging of gedrag van de rechter) en het objectieve criterium (objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid) toegepast. Er was geen sprake van subjectieve partijdigheid.
De wrakingskamer constateerde dat de rechtbank haar beslissing om getuigen te weigeren uitgebreid en gemotiveerd had genomen tijdens eerdere zittingen en dat de afwijzing niet onbegrijpelijk was. De rechtbank had bovendien gewezen op de mogelijkheid om tijdens het pleidooi bezwaren tegen getuigenverklaringen naar voren te brengen.
De wrakingskamer oordeelde dat er geen schijn van vooringenomenheid was en verklaarde het wrakingsverzoek ongegrond. De beslissing werd op 19 juni 2018 in het openbaar uitgesproken en schriftelijk vastgelegd op 20 juni 2018.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de leden van de meervoudige strafkamer is ongegrond verklaard.