ECLI:NL:RBLIM:2018:3298
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wetenschap of gerechtvaardigd vermoeden van witwassen bij giften van vader
De rechtbank Limburg behandelde op 28 november 2017 een zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van gewoontewitwassen samen met anderen. De verdenking betrof giften van zijn vader, die was veroordeeld voor grootschalige drugshandel, waaronder geldbedragen en een personenauto.
De officier van justitie stelde dat verdachte had moeten vermoeden dat het geld van criminele herkomst was, gezien de contacten van zijn vader met het drugsmilieu en het gebruik van een geëncrypte telefoon. De verdediging voerde aan dat er onvoldoende bewijs was dat verdachte wetenschap had van de criminele herkomst en dat een kind niet hoeft na te gaan waar het geld van zijn ouders vandaan komt.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte geen wetenschap of gerechtvaardigd vermoeden hoefde te hebben vanwege de omstandigheden, zoals het langdurige financiële gebruikelijke steun binnen het gezin en het ontbreken van concrete aanwijzingen dat verdachte van de criminele herkomst wist. De enkele wetenschap van het gebruik van een geëncrypte telefoon door zijn vader was onvoldoende. De rechtbank sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde witwassen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wetenschap of gerechtvaardigd vermoeden van witwassen.