Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
12 augustus 2017 is aangeefster met [slachtoffer 1] op stap geweest. Rond 04:00 uur zijn ze met de taxi naar huis gegaan. Tijdens de taxirit heeft de verdachte heel vaak naar aangeefster gebeld en schreeuwde hij door de telefoon. Hij zei dat hij haar zou komen halen. De taxichauffeur heeft aangeefster en [slachtoffer 1] bij de woonwagen van [slachtoffer 1] aan de [adres slachtoffer 1] te Maastricht afgezet. [slachtoffer 1] ging nog even naar een vriend die een paar wagens verder woont. Aangeefster is de woonwagen van [slachtoffer 1] binnengegaan. Op dat moment belde de verdachte haar. Hij zei dat zij naar buiten moest komen en dat hij voor de deur stond. Aangeefster is naar de veranda gegaan om het elektrische rolluik naar beneden te doen. Plotseling kroop de verdachte onder het rolluik door. Hij bleef onder het rolluik zitten. Aangeefster zag dat de verdachte een klein pistool op haar richtte. De verdachte hield het pistool in zijn rechterhand. Aangeefster kon recht in de loop van het pistool kijken. Aangeefster zag dat de verdachte kogels in zijn andere hand had. Hij liet de kogels aan haar zien. Toen de verdachte zag dat aangeefster aan het bellen was, is hij weggegaan. Aangeefster is direct achter de verdachte aangerend, omdat zij bang was dat de verdachte naar [slachtoffer 1] zou gaan. De verdachte liep naar een auto toe. Hij stapte aan de passagierskant in de auto. Aangeefster trok het achterportier van de auto open. Op dat moment riep de verdachte tegen de bestuurder ‘rij weg, rij weg’. Tijdens het wegrijden van de auto hoorde aangeefster de verdachte drie keer schieten. [2]
13 augustus 2017 opgemaakt. Op de schets staat de positie van [slachtoffer 1] ingetekend op het moment dat [slachtoffer 1] de knallen hoorde. De positie van [slachtoffer 1] is recht tegenover de oude voetbalkantine aan de [straat 1] ingetekend, op een afstand meer dan 20 meter voorbij de woonwagen van [slachtoffer 3] .
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
7.Voorlopige hechtenis
8.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor de feiten 2 en 3 tot een gevangenisstraf van 18 weken;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
mr. R. Verkijk, rechters, in tegenwoordigheid van mr. N.M.J.G.A. van Hinsberg, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 3 mei 2018.