Uitspraak
RECHTBANK limburg
Uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 juni 2018 op het verzet van
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 juni 2018.
Rechtbank Limburg
Opposanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit na een eerdere uitspraak van de rechtbank Limburg van 6 september 2017, waarin de Staatssecretaris was opgedragen binnen een redelijke termijn opnieuw op bezwaar te beslissen.
De rechtbank heeft bij uitspraak van 12 december 2017 het beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat de termijn voor het nemen van het besluit nog niet was verstreken op het moment van het instellen van het beroep. Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring is verzet ingesteld.
In de verzetprocedure beoordeelt de rechtbank of het beroep terecht niet-ontvankelijk is verklaard. Opposanten voerden onder meer aan dat het beroep naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verwezen had moeten worden en dat het gelijkheidsbeginsel een kortere beslistermijn van twee weken zou vereisen. De rechtbank oordeelt dat verwijzing niet mogelijk is zonder een inhoudelijk genomen besluit en dat het gelijkheidsbeginsel niet tot een kortere termijn leidt omdat de geschillen niet gelijk zijn.
De rechtbank verklaart het verzet ongegrond en bevestigt dat het beroep niet-ontvankelijk is. Er worden geen proceskosten toegewezen en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard.