Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
(primair)dan wel heeft mishandeld, door [slachtoffer 1] (met kracht) met een glas tegen het hoofd te slaan;
(primair)dan wel [slachtoffer 2] zwaar lichamelijk letsel heeft toegebracht
(subsidiair)dan wel heeft geprobeerd heeft zwaar lichamelijk letsel toe te brengen
(meest subsidiair), door [slachtoffer 2] met (een stuk van) een glazen bierpul in het gezicht te slaan;
(primair)dan wel heeft geprobeerd zwaar lichamelijk letsel toe te brengen (
subsidiair), door [slachtoffer 3] met (een stuk van) een glazen bierpul in het gezicht te slaan;
(primair)dan wel heeft geprobeerd zwaar lichamelijk letsel toe te brengen (
subsidiair), door [slachtoffer 4] met (een stuk van) een glazen bierpul in het gezicht te slaan;
(primair)dan wel heeft mishandeld (
subsidiair), door [slachtoffer 5] met een stuk van een glazen bierpul in de heup te steken of tegen de heup te slaan.
3.De beoordeling van het bewijs
- een snee bij zijn behaarde hoofdhuid van twee centimeter;
- twee sneeën aan de rechterkant van zijn voorhoofd van vijf en vier centimeter;
- een snee op zijn wang van vier centimeter;
- drie sneeën in zijn mondhoek aan de rechterkant, twee van een centimeter en een van drie centimeter;
- een schaafwond in zijn hals aan de rechterkant.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
Op dat moment ging alles fout. Het was net een horrorfilm.”
7.De benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregelen
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor de bewezenverklaarde feiten tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- wijstde vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] , wonende te [woonplaats 1] , ten aanzien van feit 1, primair (parketnummer 03/700063-18)
toeen veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij te betalen
€ 4.510,80, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 3 februari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening; - veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer 2] , van € 4.510,80, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 55 dagen hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 3 februari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- wijstde vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] , wonende te [woonplaats 1] , ten aanzien van feit 2, primair (parketnummer 03/700063-18)
toeen veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij te betalen
€ 4.827,15, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 3 februari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening; - veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer 3] , van € 4.827,15, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 58 dagen hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 3 februari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- wijstde vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4] , wonende te [woonplaats 2] , ten aanzien van feit 3, primair (parketnummer 03/700063-18)
toeen veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij te betalen
€ 11.682,91, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 3 februari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening; - veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer 4] , van € € 11.682,91, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 93 dagen hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 3 februari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 5]
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten van verdachte, tot op heden begroot op nihil.