Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
- Eigen risico over 2017, 2018 en 2019 € 1.094,77
- Kleding en schoenen € 330,00
- Reiskosten medische behandeling € 177,80
- Reiskosten bezoek Rotterdam € 105,04
€ 3.284,22.
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van het onvoorwaardelijke gedeelte van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde
- zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit of
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de Identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of
- geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;
- stelt voorts de volgende
- veroordeelde moet zich binnen 5 dagen na het onherroepelijk worden van dit vonnis melden bij de Reclassering en zich daarna gedurende de proeftijd op door de reclassering te bepalen tijdstippen blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zo lang de reclassering dat noodzakelijk acht;
- veroordeelde dient zich te houden aan de aanwijzingen van de reclassering;
- veroordeelde dient zich gedurende de proeftijd te laten behandelen door FFP de Horst of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt zoveel korter als de reclassering – in overleg met de behandelaars – nodig acht. Veroordeelde moet zich houden aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling;
- veroordeelde mag op geen enkele wijze – direct of indirect – contact opnemen, zoeken of hebben met [benadeelde] (geboren op [datum] ), zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt;
- veroordeelde mag zich gedurende de proeftijd niet bevinden binnen een straal van 500 meter van [adres] , zolang het Openbaar ministerie dit noodzakelijk vindt;
- veroordeelde mag op geen enkele wijze foto’s en video’s van [benadeelde] verspreiden;
- geeft de reclassering opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis;
- veroordeelt de verdachte tot
- beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 120 dagen;
- wijstde vordering van de
benadeelde partij [benadeelde] ,gedeeltelijk
toe; - veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij te betalen € 3.059,85, bestaande uit € 1.059,85 materiële schade en € 2.000,00 immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 23 december 2017 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- wijstde vordering voor het overige, met betrekking tot de post kleding en schoenen en de overige immateriële schade
af; - bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het gedeelte betrekking hebbend op de posten eigen risico 2019 en reiskosten bezoek Rotterdam
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot op
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde] , van € 3.059,85, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 40 hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 23 december 2017 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat de betaling aan de Staat in 10 maandelijkse termijnen van elk € 305,99 mag worden voldaan;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;