ECLI:NL:RBLIM:2019:3319
Rechtbank Limburg
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Wijziging kinderalimentatie met terugwerkende kracht wegens huwelijk stiefouder
De man verzoekt de rechtbank om de kinderbijdrage met terugwerkende kracht vanaf 1 oktober 2012 te wijzigen vanwege zijn ontslag op staande voet in januari 2013 en zijn verminderde draagkracht. Tevens wijzigt hij zijn verzoek nadat hij ter zitting vernomen heeft dat de vrouw sinds 2015 is hertrouwd, waardoor een stiefouder onderhoudsplichtig is geworden.
De vrouw verzet zich tegen de wijziging met terugwerkende kracht en stelt dat het ontslag op staande voet een ernstig verwijtbaar handelen betreft, waardoor de man zijn onderhoudsverplichting niet mag verminderen. Zij wijst er ook op dat de man onvoldoende informatie over zijn financiële situatie heeft verstrekt.
De rechtbank oordeelt dat de man onvoldoende bewijs heeft geleverd voor een wijziging met ingang van 2012 en wijst dat verzoek af. Wel acht de rechtbank het huwelijk van de vrouw per 19 september 2014 een relevante wijziging van omstandigheden die een aanpassing van de kinderbijdrage rechtvaardigt. De vrouw heeft de man niet geïnformeerd over haar huwelijk, wat de rechtbank haar zwaar aanrekent.
Gezien de beschikbare financiële gegevens en draagkrachtberekeningen stelt de rechtbank de kinderbijdrage per 1 oktober 2014 vast op €179,- per kind per maand. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de proceskosten worden gecompenseerd, zodat partijen elk hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: De kinderbijdrage wordt met ingang van 1 oktober 2014 vastgesteld op €179 per maand per kind.