ECLI:NL:RBLIM:2019:693

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
11 januari 2019
Publicatiedatum
25 januari 2019
Zaaknummer
03/720466-14
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Opiumwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak medeplichtigheid aan hennepteelt wegens onvoldoende bewijs

Op 11 januari 2019 behandelde de rechtbank Limburg de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplichtigheid aan de teelt van ongeveer 1242 hennepplanten in een pand te Sittard-Geleen. De officier van justitie en de verdediging waren het erover eens dat er onvoldoende bewijs was om tot een veroordeling te komen.

De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte wetenschap had van de hennepkwekerij of medeplichtig was aan de hennepteelt. De tenlastelegging betrof het opzettelijk telen, aanwezig hebben of medeplichtigheid daaraan van een grote hoeveelheid hennepplanten.

Gezien het ontbreken van overtuigend bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Het vonnis werd uitgesproken door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters, waarbij de voorzitter het vonnis ondertekende.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van medeplichtigheid aan hennepteelt.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond
Strafrecht
Parketnummer: 03/720466-14
Tegenspraak
Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 11 januari 2019
in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboortegegevens verdachte] ,
wonende te [adresgegevens verdachte] .
De verdachte wordt bijgestaan door mr. W.J.F. Geertsen, advocaat, kantoorhoudende te Maastricht.

1.Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 11 januari 2019. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.

2.De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:
samen met een ander/anderen, of alleen, opzettelijk 1242 hennepplanten heeft geteeld of aanwezig heeft gehad dan wel medeplichtig daaraan is geweest.

3.De beoordeling van het bewijs

3.1
De standpunten van de officier van justitie en de verdediging
De officier van justitie en de verdediging hebben zich op het standpunt gesteld dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is om tot een bewezenverklaring te komen en dat verdachte dient te worden vrijgesproken van zowel het primair als subsidiair tenlastegelegde.
3.2
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank is met zowel de officier van justitie als de verdediging van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en zal hem hiervan dan ook vrijspreken.

4.De beslissing

De rechtbank:
Vrijspraak
- spreekt de verdachte vrij van het tenlastegelegde.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.M. Koster-van der Linden, voorzitter,
mr. A.P.A. Bisscheroux en mr. G.L.A.M. van Doveren, rechters, in tegenwoordigheid van mr. N. Geene, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 11 januari 2019.
Buiten staat
mr. A.M. Koster-van der Linden is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.
BIJLAGE I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat
1.
hij op of omstreeks 25 februari 2014 in de gemeente Sittard-Geleen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand gelegen aan de [adres] ) een (grote) hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 1242 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een
hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;
subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:
een of meer onbekend gebleven personen en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] op of omstreeks 25 februari 2014 in de gemeente Sittard-Geleen, met elkaar, althans één van hen, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad (in een pand gelegen aan de [adres] ) een (grote) hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 1242 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld
in de bij de Opiumwet behorende lijst II, tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte op of omstreeks 25 februari 2014 in de gemeente Sittard-Geleen, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door aan die onbekend gebleven persoon/personen voornoemd pand voor de teelt/het kweken van hennepplanten ter beschikking te stellen.