Op 13 juni 2018 werd in een woning te Kerkrade een hennepkwekerij met 424 planten aangetroffen. Verdachte verbleef sinds november 2017 dagelijks in deze woning. De rechtbank acht aannemelijk dat er minstens één eerdere oogst heeft plaatsgevonden, waarbij verdachte het gehele voordeel heeft verkregen.
De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, geschat op €45.053,-, gebaseerd op een rapport van het Functioneel Parket. Verdachte was verstek en zijn verklaring dat de plantage niet van hem was, werd niet geloofd.
De rechtbank stelde het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €45.053,- en legde verdachte de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen. Er werd geen verhaalsmogelijkheid aangetroffen, maar dat weerhield de rechtbank niet van het opleggen van de betalingsverplichting.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Limburg op 9 oktober 2019, waarbij de strafzaak en de ontnemingsvordering gelijktijdig zijn behandeld.