Bronsheim Beheer B.V. verhuurde sinds 1 april 2017 een bedrijfsruimte en appartement aan [gedaagde]. De huurder liet een huurachterstand van circa drie maanden ontstaan en betaalde niet conform de huurovereenkomst. Bronsheim vorderde ontruiming, betaling van de achterstallige huur van €16.520,00, incassokosten en een gebruiksvergoeding.
[gedaagde] betwistte de hoogte van de huurachterstand, stelde dat hij betalingen had gedaan en dat verrekening mogelijk was vanwege gebreken aan de inventaris. Ook stelde hij dat het pand was opgeleverd en verlaten. De kantonrechter oordeelde dat de huurachterstand meer dan drie maanden bedroeg, de verrekening niet aannemelijk was en dat het pand niet was opgeleverd.
De vorderingen van Bronsheim werden toegewezen, waarbij ontruiming binnen veertien dagen werd bevolen, betaling van de huurachterstand en incassokosten werd opgelegd, en een gebruiksvergoeding werd vastgesteld voor de periode na 1 oktober 2019. [gedaagde] werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.