ECLI:NL:RBLIM:2019:9512

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
18 september 2019
Publicatiedatum
24 oktober 2019
Zaaknummer
C/03/267968 / KG ZA 19-403
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • M.J.H.A. Venner-Lijten
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 557a lid 3 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming van krakers uit meerdere panden wegens asbestsanering en sloop

De Stichting Woonpunt heeft bij de Rechtbank Limburg een kort geding aangespannen tegen krakers die zonder recht in zes panden te Maastricht verbleven. De vorderingen betroffen ontruiming van deze panden en een verbod tot ingebruikname.

De gedaagden zijn niet verschenen, waardoor verstek is verleend. De voorzieningenrechter oordeelde dat de spoedeisendheid van de zaak voortvloeit uit de geplande asbestsanering en sloop van de panden. Daarom werd de standaard tenuitvoerleggingstermijn van één jaar beperkt tot zes maanden na het vonnis, met de mogelijkheid tot hernieuwde rechterlijke beoordeling als de sloop niet binnen die termijn plaatsvindt.

De ontruiming werd toegewezen met een termijn van 48 uur na betekening van het vonnis, inclusief het afgeven van sleutels. Tevens werd gedaagden verboden de panden te betreden of in gebruik te nemen vanaf het vonnis. Proceskosten werden aan de zijde van eiseres begroot op €1.866,06 en aan gedaagden opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot ontruiming van zes panden binnen 48 uur met een tenuitvoerleggingstermijn van zes maanden.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/267968 / KG ZA 19-403
Vonnis in kort geding van 18 september 2019
in de zaak van
de stichting
STICHTING WOONPUNT,
gevestigd te Maastricht,
eiseres,
advocaat mr. V.C. Hartkamp,
tegen
1.
ZIJ DIE VERBLIJVEN in de onroerende zaak staande en gelegen aan het adres [adres 1] TE [woonplaats] of een gedeelte daarvan,
2.
ZIJ DIE VERBLIJVEN in de onroerende zaak staande en gelegen aan het adres [adres 2] TE [woonplaats] of een gedeelte daarvan,
3.
ZIJ DIE VERBLIJVEN in de onroerende zaak staande en gelegen aan het adres [adres 3] TE [woonplaats] of een gedeelte daarvan,
4.
ZIJ DIE VERBLIJVEN in de onroerende zaak staande en gelegen aan het adres [adres 4] TE [woonplaats] of een gedeelte daarvan,
5.
ZIJ DIE VERBLIJVEN in de onroerende zaak staande en gelegen aan het adres [adres 5] TE [woonplaats] of een gedeelte daarvan,
6.
ZIJ DIE VERBLIJVEN in de onroerende zaak staande en gelegen aan het adres [adres 6] TE [woonplaats] of een gedeelte daarvan,
gedaagden,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de drie dagvaardingen van 28 augustus 2019 ( [adres 1] , [adres 2] en [adres 3] ) met producties 1 tot en met 12,
  • de drie dagvaardingen van 6 september 2019, ( [adres 4] en [adres 5] en [adres 6] ) met producties 1 tot en met 11,
  • de mondelinge behandeling op 12 september 2019 ter gelegenheid waarvan eiseres heeft overgelegd:
een machtiging,
een kopie van het dagblad waarin een uittreksel van de exploten bekend is gemaakt,
het in productie 11, behorende bij de dagvaardingen van 6 september 2019, aangekondigde proces-verbaal aangifte huisvredebreuk,
  • de vermindering van eis ter zitting (de in het petitum van alle dagvaardingen onder IV weergegeven zinsnede “en/of enig ander pand dat toebehoort aan Woonpunt” wordt niet gehandhaafd),
  • het tegen gedaagden verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
De spoedeisendheid van de vorderingen vloeit voort uit de aard van de zaak.
2.2.
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen, met dien verstande dat de voorzieningenrechter aanleiding ziet om de in artikel 557a lid 3 Rv genoemde tenuitvoerleggingstermijn van één jaar ten aanzien van een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet, te beperken tot zes maanden na het uitspreken van dit vonnis, aangezien eiseres ter zitting heeft gesteld dat de asbestsanering en de daaropvolgende sloop binnen korte termijn zullen plaatsvinden. Indien de sloop van de panden na voormelde zes maanden niet is gerealiseerd, is er, indien er zich dan één of meer personen in het pand/de panden bevinden, reden voor een nieuwe rechterlijke beoordeling van de wens om tot ontruiming over te gaan.
2.3.
De voorzieningenrechter ziet tevens aanleiding om het onder IV gevorderde eerst vanaf het uitspreken van dit vonnis toe te wijzen, nu het gevorderde verbod tot ingebruikname van de panden onder randnummer 4 van de dagvaarding vanaf 1 september 2019 (gedaagden sub 1 tot en met 3), respectievelijk 12 september 2019 (gedaagden sub 4 tot en met 6), niet vanaf een tijdstip (thans) gelegen in het verleden toewijsbaar is.
2.4.
Gedaagden zullen als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiseres worden begroot op:
- dagvaarding € 594,06 (6 x € 99,01)
- griffierecht 639,00
- salaris advocaat
633,00
Totaal € 1.866,06

3.De beslissing

De voorzieningenrechter
3.1.
veroordeelt gedaagde(n) sub 1 om de onroerende zaak aan de [adres 1] te [woonplaats] uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis te ontruimen, ontruimd en verlaten te hebben en te houden met al hetgeen zich vanwege gedaagde(n) daarin of daarop bevindt en al diegenen die zich daarin of daarop vanwege gedaagde(n) bevinden, en onder afgifte van alle sleutels de woning ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, met bepaling dat dit vonnis tot zes maanden na de dag waarop het is uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet;
3.2.
veroordeelt gedaagde(n) sub 2 om de onroerende zaak aan de [adres 2] te [woonplaats] uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis te ontruimen, ontruimd en verlaten te hebben en te houden met al hetgeen zich vanwege gedaagde(n) daarin of daarop bevindt en al diegenen die zich daarin of daarop vanwege gedaagde(n) bevinden, en onder afgifte van alle sleutels de woning ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, met bepaling dat dit vonnis tot zes maanden na de dag waarop het is uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet;
3.3.
veroordeelt gedaagde(n) sub 3 om de onroerende zaak aan de [adres 3] te [woonplaats] uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis te ontruimen, ontruimd en verlaten te hebben en te houden met al hetgeen zich vanwege gedaagde(n) daarin of daarop bevindt en al diegenen die zich daarin of daarop vanwege gedaagde(n) bevinden, en onder afgifte van alle sleutels de woning ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, met bepaling dat dit vonnis tot zes maanden na de dag waarop het is uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet;
3.4.
veroordeelt gedaagde(n) sub 4 om de onroerende zaak aan de [adres 4] te [woonplaats] uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis te ontruimen, ontruimd en verlaten te hebben en te houden met al hetgeen zich vanwege gedaagde(n) daarin of daarop bevindt en al diegenen die zich daarin of daarop vanwege gedaagde(n) bevinden, en onder afgifte van alle sleutels de woning ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, met bepaling dat dit vonnis tot zes maanden na de dag waarop het is uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet;
3.5.
veroordeelt gedaagde(n) sub 5 om de onroerende zaak aan de [adres 5] te [woonplaats] uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis te ontruimen, ontruimd en verlaten te hebben en te houden met al hetgeen zich vanwege gedaagde(n) daarin of daarop bevindt en al diegenen die zich daarin of daarop vanwege gedaagde(n) bevinden, en onder afgifte van alle sleutels de woning ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, met bepaling dat dit vonnis tot zes maanden na de dag waarop het is uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet;
3.6.
veroordeelt gedaagde(n) sub 6 om de onroerende zaak aan de [adres 6] te [woonplaats] uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis te ontruimen, ontruimd en verlaten te hebben en te houden met al hetgeen zich vanwege gedaagde(n) daarin of daarop bevindt en al diegenen die zich daarin of daarop vanwege gedaagde(n) bevinden, en onder afgifte van alle sleutels de woning ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, met bepaling dat dit vonnis tot zes maanden na de dag waarop het is uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet;
3.7.
verbiedt gedaagden om een of meer panden aan de adressen als genoemd in randnummer 4 van de dagvaardingen in gebruik te nemen of zich in of op deze panden te bevinden, in de periode vanaf het uitspreken van dit vonnis,
3.8.
veroordeelt gedaagden om de onroerende zaken aan de adressen als genoemd in randnummer 4 van de dagvaardingen uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis te ontruimen, ontruimd en verlaten te hebben en te houden met al hetgeen zich vanwege gedaagden daarin of daarop bevindt en al diegenen die zich daarin of daarop vanwege gedaagden bevinden, en onder afgifte van alle sleutels de woningen ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, met bepaling dat dit vonnis tot zes maanden na de dag waarop het is uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dit voordoet, met uitzondering van gebruikers of gewezen gebruikers die in die onroerende zaken verblijven of verbleven krachtens een persoonlijk recht dat hen is gegeven door eiseres,
3.9.
veroordeelt gedaagden in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op € 1.866,06,
3.10.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.H.A. Venner-Lijten en in het openbaar uitgesproken. [1]

Voetnoten

1.type: CB