De vader verzocht de rechtbank om vervangende toestemming te verlenen voor het aanvragen van een paspoort voor zijn minderjarige kind, omdat de moeder haar toestemming weigerde. De vader wilde met het kind op vakantie naar Marokko, waarvoor een paspoort nodig is. De moeder verweerde zich gemotiveerd en wees op de complexe gezinssituatie, waarbij sprake is van een verstoorde relatie en eerdere incidenten met de nieuwe partner van de moeder. Ook is het kind bang voor een confrontatie met de vader en heeft het reeds een paspoort in bezit, dat door de moeder wordt bewaard.
De kinderrechter heeft het kind schriftelijk gehoord, dat aangaf geen verre reizen met de vader te willen maken. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde het verzoek af te wijzen, gezien het belang van het kind en de bestaande spanningen tussen de ouders.
De rechtbank oordeelde dat op grond van de Paspoortwet een tweede paspoort alleen kan worden verstrekt bij zakelijke of beroepsmatige redenen, wat hier niet het geval is. Gezien het reeds bestaande paspoort en het belang van het kind, wees de rechtbank het verzoek van de vader af.
De beschikking is uitgesproken door kinderrechter C.M.W. Nobis op 13 februari 2020 te Maastricht. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.