Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.[eiser in de hoofdzaak, eiser in het incident sub 1] ,
[eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident sub 2],
1.De procedure
- de dagvaarding van 7 februari 2020 tevens houdende de incidentele vordering tot het treffen van een voorlopige voorziening met producties 1 tot en met 21;
- de conclusie van antwoord in het incident met producties 1 tot en met 9.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling in het incident
461,00(1,0 punt × tarief € 461,00)
5.De beslissing
29 juli 2020voor conclusie van antwoord in de hoofdzaak aan de zijde van [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] .