Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
eiser, hierna te noemen: de man,
advocaat mr. A.J.E. Verschuren, gevestigd te Kerkrade,
gedaagde, hierna te noemen: de vrouw,
advocaat mr. M.J.M.H. Nass, gevestigd te Simpelveld.
Rechtbank Limburg
De man vordert in kort geding dat de vrouw medewerking verleent aan een co-ouderschapregeling waarbij het minderjarige kind om de week bij hem verblijft. De vrouw voert verweer en betwist dat partijen een dergelijke regeling zijn overeengekomen. De voorzieningenrechter constateert dat geen overeenstemming bestaat over co-ouderschap, mede door bijzondere omstandigheden zoals de psychische problematiek van de man.
Feitelijk heeft de man het kind op Paaszondag meegenomen en pas onder voorwaarde van co-ouderschap aangeboden terug te brengen, waarop de vrouw onder dwang instemde. Kort daarna hield zij de regeling niet meer na vanwege zorgen over de psychische gesteldheid van de man en de veiligheid van het kind. De vrouw heeft uitvoerig gesteld dat de man psychische problemen heeft, waaronder een diagnose paranoïde schizofrenie, en dat het kind tekenen van uitputting en verontrustend gedrag vertoonde na verblijf bij de man.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de man onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij in staat is het kind voor een volledige week te verzorgen en dat het belang van het kind niet goed is meegewogen. Een co-ouderschapregeling is daarom niet tot stand gekomen en kan niet worden toegewezen. De man wordt geadviseerd een bodemprocedure te starten voor een zorgregeling en mogelijk onderzoek door de raad voor de kinderbescherming. De kosten van het geding worden gecompenseerd.
Uitkomst: De vordering tot nakoming van de co-ouderschapregeling wordt afgewezen vanwege het ontbreken van overeenstemming en zorgen over de psychische gesteldheid van de man.