Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
– hoewel de redelijke termijn niet is overschreden – ongeveer 15 maanden zijn verstreken sinds de dag van het ongeval. Verdachte leeft sindsdien in onzekerheid. Verdachte geeft aan dat hij zich schuldig voelt en goed begrijpt dat dit tot zeer veel verdriet en leed bij de nabestaanden leidt. Het ongeval heeft enorm veel impact op verdachte, op zijn leven en op het leven van zijn gezin. Dit blijkt ook uit het reclasseringsadvies, waarin is vermeld dat verdachte op een doorleefde wijze laat zien dat hij beseft wat voor leed hij door het ongeluk heeft berokkend bij de nabestaanden. Verdachte heeft direct na het ongeval psychische hulp ingeschakeld en heeft deze psychische hulp nog steeds nodig.
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 240 uren;
- beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 120 dagen;