Uitspraak
RECHTBANK limburg
[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker
de burgemeester van de gemeente Sittard-Geleen, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 september 2020.
Rechtbank Limburg
De burgemeester van Sittard-Geleen heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet besloten een woonwagen, inclusief facilitaire ruimte, voor drie maanden te sluiten vanwege de vondst van 49 hennepplanten in de facilitaire ruimte. Verzoeker, ingeschreven op een ander adres en wiens woonwagen eigendom is van zijn moeder, maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening om de sluiting te voorkomen.
De rechtbank oordeelt dat verzoeker onvoldoende heeft aangetoond dat hij daadwerkelijk in de woonwagen verbleef, mede gezien het politieonderzoek waarbij de woonwagen werd verbouwd en niemand werd aangetroffen. Verweerder stelde dat verzoeker elders woonde en alleen aanwezig was bij de sluiting. Het spoedeisend belang voor een voorlopige voorziening ontbreekt daarom.
Daarnaast is er geen sprake van een aperte onrechtmatigheid van het besluit, aangezien de aanwezigheid van een handelshoeveelheid softdrugs vaststaat en de burgemeester bevoegd is tot sluiting. De rechtbank wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en komt niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van het bezwaar.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woonwagen is afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.