Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.De beoordeling
- dagvaarding € 105,09
- griffierecht € 499,00
- salaris gemachtigde €
Rechtbank Limburg
De Stichting Wonen Limburg heeft een vordering ingesteld tegen de gedaagde, die woonachtig is op een adres in Limburg. De procedure startte met een dagvaarding en een verzoek om uitstel door de gedaagde. Na het verlenen van uitstel heeft de gedaagde geen verweer meer gevoerd, waardoor de vordering als niet betwist wordt beschouwd.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering van de Stichting toewijsbaar is en veroordeelt de gedaagde tot betaling van een bedrag van €1.053,12, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 23 juni 2020 tot de dag van volledige betaling. Daarnaast wordt de gedaagde veroordeeld in de proceskosten, begroot op €724,09, bestaande uit dagvaardingskosten, griffierecht en salaris gemachtigde.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat de Stichting direct tot executie kan overgaan. Het vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken op 30 september 2020 door de Rechtbank Limburg te Maastricht.
Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €1.053,12 plus wettelijke rente en proceskosten.