ECLI:NL:RBLIM:2020:7461

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
30 september 2020
Publicatiedatum
2 oktober 2020
Zaaknummer
8663405 \ CV EXPL 20-3520
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering rente en proceskosten wegens niet-betwisting

Eiseres heeft een vordering ingesteld tegen Bours Solutions B.V. wegens achterstallige betalingen. Na verkregen uitstel heeft de gedaagde partij niet meer gereageerd, waardoor de vordering als niet weersproken werd beschouwd.

De kantonrechter oordeelde dat de gevorderde rente over de buitengerechtelijke kosten vanaf de dag van dagvaarding moet worden toegewezen, omdat niet is gesteld of gebleken dat de gedaagde eerder in gebreke was gesteld. Tevens werden de proceskosten aan de zijde van eiseres toegewezen en begroot op €554,54.

De kantonrechter veroordeelde Bours Solutions B.V. tot betaling van het bedrag van €3.386,44, vermeerderd met wettelijke rente over twee deelbedragen vanaf respectievelijk 3 januari 2020 en 10 juli 2020, en tot betaling van de proceskosten met rente. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagde veroordeeld tot betaling van €3.386,44 met wettelijke rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 8663405 \ CV EXPL 20-3520
Vonnis van de kantonrechter van 30 september 2020
in de zaak van:
[eiseres],
wonende [adres] ,
[woonplaats] ,
eisende partij,
gemachtigde mr. E.P.L. Amkreutz,
tegen:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BOURS SOLUTIONS B.V.,
gevestigd Klingstraat 12
6431 BR Hoensbroek, gemeente Heerlen,
gedaagde partij,
procederende in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- het verzoek om uitstel van gedaagde partij.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
Gedaagde partij heeft, na verkregen uitstel niet meer geantwoord. De vordering van eisende partij staat daarom als niet weersproken tussen partijen vast en behoort als onvoldoende betwist te worden toegewezen met dien verstande dat de gevorderde rente over de buitengerechtelijke kosten zal worden toegewezen vanaf de dag van de dagvaarding, aangezien niet is gesteld of gebleken dat de wederpartij voor de vergoeding van deze kosten eerder dan bij dagvaarding in gebreke is gesteld.
2.2.
Gedaagde partij zal worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:
  • dagvaarding € 108,54
  • griffierecht € 236,00
  • salaris gemachtigde €
totaal € 554,54
2.3.
De gevorderde rente over de proceskosten zal worden toegewezen met ingang van de vijftiende dag na betekening van dit vonnis.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
veroordeelt gedaagde partij om aan eisende partij tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 3.386,44, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 2.964,70 vanaf 3 januari 2020 en over € 421,47 vanaf 10 juli 2020, een en ander tot de dag van volledige betaling,
3.2.
veroordeelt gedaagde partij in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 554,54, vermeerderd met de wettelijke rente met ingang van de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
3.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.
type: JEC