Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.De beoordeling
- dagvaarding € 102,96
- griffierecht € 499,00
- salaris gemachtigde €
Rechtbank Limburg
De zaak betreft een vordering van de onderlinge waarborgmaatschappij Centrale Zorgverzekeraars Groep tegen een consument. De gedaagde partij heeft na verkregen uitstel niet meer geantwoord, waardoor de vordering onbetwist is gebleven.
De kantonrechter beoordeelt dat de dagvaarding voldoet aan de wettelijke eisen en dat de beschermende bepalingen van het Europees consumentenrecht niet zijn geschonden. De vordering wordt daarom toegewezen.
De consument wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 998,41, vermeerderd met wettelijke rente over een deel van de hoofdsom vanaf 9 juli 2020 tot volledige betaling. Tevens wordt de consument veroordeeld in de proceskosten van € 721,96. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Consument wordt veroordeeld tot betaling van € 998,41 met wettelijke rente en proceskosten.