Uitspraak
RECHTBANK limburg
[Naam 1] , [naam 2] en [naam 3] , te [woonplaats] ,
de burgemeester van de gemeente Voerendaal, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 oktober 2020.
Rechtbank Limburg
Op 26 mei 2020 vond een schietincident plaats nabij een woning aan de [straatnaam], waarbij slachtoffers vielen en een familievetesituatie een rol speelt. Naar aanleiding hiervan legde de burgemeester van Voerendaal op 30 mei 2020 een woningsluiting en gebiedsverbod op voor drie maanden.
Na een politieadvies van 30 juli 2020 besloot de burgemeester de maatregelen met drie maanden te verlengen vanwege het voortduren van de dreiging, het ontbreken van aanhoudingen en wapens, en het risico op verdere escalaties. Verzoekers maakten bezwaar en vroegen een voorlopige voorziening om de verlenging te schorsen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was op grond van artikel 175 Gemeentewet Pro en dat de verlenging proportioneel en subsidiariteit in acht nemend was. De ernst van het incident en het lopende strafrechtelijk onderzoek rechtvaardigen de maatregelen ondanks de zware inbreuk op de grondrechten van verzoekers.
De dwangsom gekoppeld aan het gebiedsverbod werd niet als disproportioneel beoordeeld. De voorzieningenrechter concludeerde dat het bestreden besluit naar verwachting in stand blijft en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
De uitspraak werd gedaan op 9 oktober 2020 door voorzieningenrechter D.J.E. Hamers-Aerts, zonder mogelijkheid tot hoger beroep.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlenging van de woningsluiting en het gebiedsverbod wordt afgewezen.