Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding van 25 mei 2020
- de conclusie van antwoord
- de rolbeslissing waarbij het recht om een conclusie van repliek te nemen is vervallen verklaard en dat vonnis zal worden gewezen.
2.Het geschil en de beoordeling daarvan
- € 4.690,60 (waarvan € 1.100,00 ter zake van de waarborgsom en € 3.590,60 ter zake van de onverschuldigd betaalde huur), te vermeerderen met de wettelijke rente over € 4.690,60 vanaf datum dagvaarding tot aan de dag van de algehele voldoening,
- € 594,06 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf datum dagvaarding tot de dag der algehele voldoening met veroordeling van [gedaagde] in de proces- en nakosten.
- dagvaarding € 102,96
- griffiekosten € 236,00
- salaris gemachtigde
3.De beslissing
- € 4.690,60 ter zake van de te veel betaalde huur en waarborgsom, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 4.690,60 vanaf de datum van de dagvaarding tot aan de dag van de algehele voldoening,
- € 594,06 ter zake van de buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van de dagvaarding tot de dag der algehele voldoening,