Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
[handelsnaam]in hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van
[naam onderbewindgestelde],
1.De procedure
2.Het geschil en de beoordeling
420,00(2 x tarief € 210,00)
Rechtbank Limburg
CZ vordert betaling van een bedrag van € 2.449,05 van de bewindvoerder wegens niet-nakoming van een zorgverzekeringsovereenkomst met de onderbewindgestelde. Na vermindering van de eis is de hoofdsom vastgesteld op € 2.177,36, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten.
De bewindvoerder stelt dat er een betalingsregeling is getroffen waarbij maandelijks € 35,00 wordt betaald en dat het restant na 36 maanden wordt kwijtgescholden. Tevens verzoekt zij om kwijtschelding van de proceskosten, omdat CZ de procedure niet heeft ingetrokken na het treffen van de regeling.
De kantonrechter oordeelt dat de gemaakte kosten buiten de betalingsregeling vallen en dat CZ gerechtigd was de procedure voort te zetten. De vordering wordt toegewezen inclusief rente en een deel van de buitengerechtelijke kosten, terwijl de bewindvoerder wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Bewindvoerder wordt veroordeeld tot betaling van € 2.449,05 plus rente en proceskosten.