Uitspraak
RECHTBANK limburg
Uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 november 2020 in de zaak tussen
[eiser] , eiser en
[derde-partij 1]en
[derde-partij 2]
Procesverloop
- binnen zes weken het gebruik van de paddocks, gelegen op de percelen, kadastraal bekend onder de nummers [kadasternummer 1] en [kadasternummer 2] ten behoeve van het uitlopen dan wel weiden van paarden te staken;
- binnen zes maanden het gebruik van de paddocks, gelegen op de percelen, kadastraal bekend onder de nummers [kadasternummer 2] en [kadasternummer 3] ten behoeve van het uitlopen dan wel weiden van paarden te staken én alle bouwwerken - een stal/schuilgelegenheid en de afrastering/paddocks - te verwijderen.
- het primaire besluit herroepen in die zin dat de opgelegde last onder dwangsom geen betrekking heeft op de percelen, kadastraal bekend onder de nummers [kadasternummer 3] en [kadasternummer 1] ;
- de motivering van het bestreden besluit 1 en het primaire besluit aangepast wat betreft het staken van het gebruik van de grond gelegen in de “punt” van het perceel, kadastraal bekend onder nummer [kadasternummer 2] voor het uitlopen dan wel weiden van paarden;
- het bestreden besluit 1 en het primaire besluit voor het overige gehandhaafd.
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit 2 deels gegrond, namelijk voor zover dit gericht is tegen de geurverordening als grondslag voor het bestreden besluit 2;
- vernietigt het bestreden besluit 2 voor zover dat betrekking heeft op het ten grondslag leggen van de overtreding van artikel 3, eerste lid, van de geurverordening aan de last onder dwangsom;
- verklaart het beroep voor het overige ongegrond;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 174,- aan eisers te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 1.050,-.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op