Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.[eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] ,
1.[gedaagde in conventie, eiser in reconventie sub 1] ,
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie sub 2],
1. De procedure
- het tussenvonnis van 7 juli 2021, waar de rechtbank bij blijft met dien verstande dat de laatste volzin op pag. 3 die doorloopt op pag. 4 gelezen moet worden als “Uit niets van wat [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] heeft aangevoerd valt af te leiden dat hij door de eiswijziging onredelijk wordt bemoeilijkt in zijn verdediging.” en dat het laatste woord van de eerste regel van pag. 4 (da) moet worden gelezen als “dat”,
- de akte uitlaten met de productie 24 van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] van 4 augustus 2021,
- de akte ter rolle van [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] van 4 augustus 2021.
2.De verdere beoordeling
5. Inrichting van het onderzoek
”
1.116
- 111.735
- 139.616
- 66.800
: [gedaagde in conventie, eiser in reconventie sub 1] krijgt een vordering van € 100.000,. De boekhoudkundige verwerking bij de vennootschap is:
Deze vordering zorgt voor een boeking van een boekwaarde van goodwill bij [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie sub 3] . Bij verkoop van de portefeuille leidt dit dan weer tot een lagere boekwinst op de portefeuille bij [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie sub 3] , hetgeen een lagere belastingschuld over de boekwinst tot gevolg heeft van 25% over € 100.000, = € 25.000,. Per saldo wordt de boekwinst na belastingen verlaagd met € 100.000, minus € 25.000, = € 75.000,. Dit heeft tot gevolg dat het vermogen waarin [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] en [eisers in conventie, verweerders in reconventie] gezamenlijk delen, ieder voor 50% of te wel € 37.500, lager wordt.