ECLI:NL:RBLIM:2021:4154
Rechtbank Limburg
- Wraking
- M.B.T.G. Steeghs
- R.H.J. Otto
- Y.J.C.A. Roeffen
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek wegens onthouden telefonische rechtsbijstand bij voorgeleiding
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. L.P. Bosma vanwege het niet toestaan van telefonische rechtsbijstand bij de voorgeleiding van zijn cliënt. De advocaat had tijdig verzocht om de voorgeleiding te verplaatsen naar de ochtend en om telefonische bijstand te mogen verlenen, vanwege reistijd en corona-maatregelen. Ondanks herhaalde verzoeken en communicatieproblemen met het Kabinet RC, hield de rechter vast aan het beleid dat bijstand fysiek moest zijn en ging de voorgeleiding zonder telefonische bijstand door.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek niet was gericht tegen het beleid zelf, maar tegen de beslissing van de rechter om niet van het beleid af te wijken. Omdat dit een procesbeslissing betreft, kan deze normaal gesproken geen grond voor wraking zijn. Echter, in dit geval was sprake van een uitzonderlijke samenloop van omstandigheden, waaronder communicatieproblemen en het fundamentele belang van rechtsbijstand bij vrijheidsberoving.
De kamer stelde vast dat de rechter onvoldoende heeft meegewerkt aan het mogelijk maken van alternatieve bijstand, waardoor de indruk ontstond dat het belang van rechtsbijstand niet serieus werd genomen. Dit leidde tot een objectief gerechtvaardigde vrees van vooringenomenheid jegens verzoeker. Daarom werd het wrakingsverzoek toegewezen en werd de rechter gewraakt.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt toegewezen wegens het niet serieus nemen van het recht op telefonische rechtsbijstand.