ECLI:NL:RBLIM:2021:4530

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
2 juni 2021
Publicatiedatum
7 juni 2021
Zaaknummer
C/03/289492 / HA ZA 21-129
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 93 RvArt. 8 lid 4 WGBZ
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing van huurzaken naar de kantonrechter op grond van art. 93 Rv

In deze procedure tussen Allekabels B.V. en B&R Premium Logistics B.V. heeft de rechtbank Limburg bij rolbeschikking van 14 april 2021 een voorlopig oordeel gegeven dat de kamer voor andere zaken dan kantonzaken onbevoegd is om kennis te nemen van de vordering voortvloeiend uit een huurovereenkomst.

Beide partijen hebben zich bij dit oordeel neergelegd. De rechtbank bevestigt dat de aard van de zaak bepaalt dat de kantonrechter bevoegd is op grond van artikel 93 onder Pro c van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, ongeacht de waarde van de vordering.

Daarom wordt de zaak verwezen naar de kamer voor kantonzaken van de rechtbank Limburg te Maastricht. Partijen worden erop gewezen dat zij in de vervolgprocedure niet meer verplicht zijn zich door een advocaat te laten vertegenwoordigen en dat het teveel betaalde griffierecht zal worden teruggestort.

Uitkomst: De zaak wordt verwezen naar de kamer voor kantonzaken van de rechtbank Limburg.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/289492 / HA ZA 21-129
Vonnis bij vervroeging van 2 juni 2021
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ALLEKABELS B.V.,
gevestigd en kantoorhoudend te Kerkrade,
eiseres,
advocaat mr. A.L. Stegeman,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
B&R PREMIUM LOGISTICS B.V.,
gevestigd en kantoorhoudend te Heerlen,
gedaagde,
advocaat mr. V.R. Pool.
Partijen worden hierna Allekabels en B&R genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de rolbeschikking van 14 april 2021
  • de akte uitlating van Allekabels
  • de akte tot referte in het incident tot verwijzing naar de kamer van kantonzaken van B&R.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
Bij rolbeschikking van 14 april 2021 heeft de rechtbank als voorlopig oordeel gegeven dat de kamer voor andere zaken dan kantonzaken, gelet op de aard van de zaak (een vordering voortvloeiend uit een huurovereenkomst), onbevoegd is om van het gevorderde kennis te nemen.
2.2.
Beide partijen hebben desgevraagd verklaard zich te refereren aan het oordeel van de rechtbank.
2.3.
De rechtbank blijft bij haar oordeel dat de aard van de zaak een onderwerp betreft dat op grond van art. 93 onder Pro c Rv door de kantonrechter wordt behandeld, ongeacht het beloop of de waarde van de vordering.
2.4.
De zaak zal derhalve worden verwezen naar de kamer voor kantonzaken van deze rechtbank.

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de rolzitting van de kamer voor kantonzaken van deze rechtbank, zittingsplaats Maastricht, op
30 juni 2021 om 10.00 uurvoor conclusie van antwoord,
3.2.
wijst partijen erop dat zij in het vervolg van de procedure niet meer vertegenwoordigd hoeven te worden door een advocaat, maar ook persoonlijk of bij gemachtigde kunnen verschijnen,
3.3.
wijst partijen erop dat het in deze procedure geheven griffierecht ingevolge art. 8 lid 4 WGBZ Pro zal worden verlaagd en dat het teveel betaalde griffierecht door de griffier zal worden teruggestort.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Sijmonsma en in het openbaar uitgesproken. [1]

Voetnoten

1.type: AH