Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
uitspraak van de meervoudige kamer van 8 september 2021
in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
1 juli 2021 heeft verkocht.
Rechtbank Limburg
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming op grond van de derde tranche van de NOW3.0-regeling voor een personeelslid dat per 14 september 2020 in dienst trad. De aanvraag werd afgewezen omdat er geen loongegevens over de referteperioden april en juni 2020 in de polisadministratie waren geregistreerd, wat een weigeringsgrond is volgens artikel 10, aanhef en onder c, van de NOW3.0.
Eiseres huurde voorheen personeel in via een payrollbedrijf, waardoor haar eigen loongegevens in de polisadministratie over de referteperioden ontbraken. Hoewel zij de kosten voor het personeelslid daadwerkelijk heeft gemaakt, is dit niet zichtbaar in de administratie over de referteperioden. De rechtbank erkent dat de regeling nadelig uitpakt voor eiseres, maar benadrukt dat de NOW3.0 een noodmaatregel is met een algemeen karakter, waarbij maatwerk niet of nauwelijks mogelijk is.
De rechtbank verwijst naar de bewuste keuze van de wetgever om geen hardheidsclausule op te nemen die uitzonderingen op de weigeringsgronden mogelijk maakt. Daarom ziet de rechtbank geen aanleiding om de voorwaarde van registratie van loongegevens buiten toepassing te laten. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de NOW3.0-subsidieaanvraag wordt ongegrond verklaard.