ECLI:NL:RBLIM:2021:7982

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
26 oktober 2021
Publicatiedatum
25 oktober 2021
Zaaknummer
C/03/296590 / HA RK 21-304
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:19 lid 1 sub d BWArt. 2:19 lid 2 BWArt. 2:19 lid 5 BWArt. 23 Boek 2 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenbeslissing over verzoek tot ontbinding van Vereniging Limburgse Melkhandel

De Vereniging Limburgse Melkhandel (V.L.M.) heeft een verzoek tot ontbinding ingediend bij de rechtbank Limburg. De rechtbank ontving het verzoekschrift op 14 september 2021 en vroeg nadere informatie op over onder meer de meest recente ledenlijst en de status van het bestuur.

De statuten van V.L.M. bevatten bepalingen over het lidmaatschap, bestuur en ontbinding, waaronder dat het bestuur uit ten minste drie personen moet bestaan en dat ontbinding door de algemene vergadering moet worden besloten. De rechtbank constateerde echter dat het verzoekschrift onduidelijkheden bevat over de actuele bestuursleden en of zij nog rechtsgeldig kunnen vertegenwoordigen.

Daarnaast ontbreekt concrete informatie over het beëindigen van het lidmaatschap van de leden en of een algemene vergadering heeft plaatsgevonden waarin tot ontbinding, aanwijzing van een vereffenaar en bestemming van een eventueel batig saldo is besloten.

De rechtbank verzoekt daarom mr. Paulissen om deze informatie uiterlijk 26 november 2021 aan te leveren en houdt de verdere beslissing aan totdat deze gegevens zijn ontvangen.

Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en verzoekt aanvullende informatie over bestuursleden, ledenbeëindiging en besluitvorming over ontbinding.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rekestnummer: C/03/296590 / HA RK 21-304
Beschikking van 26 oktober 2021
in de zaak van
de vereniging
VERENIGING LIMBURGSE MELKHANDEL,
gevestigd te Stein,
verzoekster (hierna: V.L.M.),
advocaat mr. J.J.Th. Paulissen.

1.De procedure

Op 14 september 2021 is ter griffie ontvangen een verzoekschrift tot ontbinding van V.L.M.
De griffier heeft bij brief van 24 september 2021 nadere informatie opgevraagd, waaronder de meest recente ledenlijst.
Op 6 oktober 2021 heeft de griffie een brief van mr. Paulissen ontvangen met 2 bijlagen.

2.De feiten

2.1.
De statuten van V.L.M. zijn gewijzigd bij notariële akte van 4 november 1991 verleden voor mr. M.M.L.H. Voncken, notaris te Stein, op grond van een besluit van de algemene vergadering van 28 oktober 1991.
2.2.
De statuten van V.L.M. bevatten onder meer de volgende bepalingen:
“ZETEL.
Artikel 2.
(…) Het werkgebied van de vereniging omvat de provincie Limburg.
(…)
LEDEN.
Artikel 7.
Leden van de vereniging kunnen slechts zijn verenigingen van melkslijters, die gevestigd zijn binnen het in artikel 2 vermelde Pro werkgebied;
(…)
Het bestuur houdt een register bij waarin de namen en adressen van alle leden en afgevaardigden zijn opgenomen.
EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP.
Artikel 8.
1. Het lidmaatschap eindigt:
a. door ontbinding van het lid;
b. door opzegging door het lid;
c. door opzegging door de vereniging.
d. (…)
(…)
BESTUUR.
Artikel 10.
Het bestuur bestaat uit ten minste drie personen. Per lid wordt een bestuurslid benoemd.
Om tot bestuurslid (her)benoemd te kunnen worden moet men:
a. lid van een lid zijn;
b. werkzaam zijn in de melk/zuiveldetailhandel;
c. werkzaam zijn binnen het in artikel 2 vermelde Pro werkgebied;
d. niet ouder zijn dan 64 jaar.
(…)
ZITTINGSTERMIJN BESTUURSLEDEN.
Artikel 11.
1. De eerste zittingstermijn voor bestuursleden is bepaald op drie jaren; jaarlijks treedt ten minste één bestuurslid af; voorzitter en secretaris kunnen niet gelijktijdig aftredend zijn.
(…)
EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP – SCHORSING.
Artikel 12.
1. Het lidmaatschap van een bestuurslid eindigt, behalve door het in artikel 11 genoemde Pro verstrijken van de zittingstermijn, voorts door aftreden, bedanken, ontslag of overlijden, alsmede ingeval het bestuurslid niet meer voldoet aan het gestelde in artikel 10 lid 2 met Pro dien verstande, dat indien het bestuurslid de vijfenzestig-jarige leeftijd heeft bereikt het lidmaatschap van het bestuurslid eindigt op de eerstvolgende jaarvergadering.
(…)
(…)
BESTUURSTAAK – VERTEGENWOORDIGING.
Artikel 14.
(…).
Indien het aantal bestuursleden beneden het minimum is gedaald blijft het bestuur bevoegd; het is echter verplicht binnen één maand een algemene vergadering te beleggen, waarin de voorziening in de open plaats(en) aan de orde komt.
(…)
(…)
ONTBINDING.
Artikel 24.
De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. (…)
In de ontbindingsvergadering wordt bepaald:
a. wie voor de vereffening zorg zullen dragen;
b. voor welk doel een eventueel, na liquidatie overblijvend, batig saldo zal worden aangewend een en ander met in achtneming van het bepaalde in artikel 23 Boek Pro 2 van het Burgerlijk Wetboek.
(…)”.
2.3.
Bij brief van 5 oktober 2021 is aan de rechtbank toegezonden een ledenlijst per 31 december 2001 waarop zes regionale melkslijtersverenigingen, respectievelijk verenigde melkhandelaren, zijn vermeld en een lijst met leden van voormelde verenigingen, eveneens per 31 december 2001.

3.Het verzoek

Het bestuur van V.L.M., dat volgens het verzoekschrift bestaat uit de heren [naam bestuurder 1] , [naam bestuurder 2] en [naam bestuurder 3] , verzoekt op grond van het bepaalde in artikel 2:19 BW Pro:
te verklaren dat en het tijdstip te bepalen waarop V.L.M. is ontbonden
de in kracht van gewijsde gegane uitspraak, inhoudende de verklaring, door de zorg van de griffier in te schrijven in de het register van de Kamer van Koophandel
tot vereffenaar te benoemen mr. J.J.Th. Paulissen.

4.De beoordeling

De ontvankelijkheid
4.1.
Het verzoekschrift vermeldt niet of de hiervoor genoemde bestuursleden nog in functie (kunnen) zijn, gelet op het bepaalde in de artikelen 10, 11 en 12 van de statuten. Daarmee is voor de rechtbank onduidelijk of zij V.L.M. op dit moment nog rechtsgeldig kunnen vertegenwoordigen. Mogelijk kunnen de heren [naam bestuurder 1] , [naam bestuurder 2] en [naam bestuurder 3] als voormalige bestuursleden wel als belanghebbenden (ook in de zin van artikel 2:19 lid 2 BW Pro) worden aangemerkt.
De rechtbank zal mr. Paulissen verzoeken daar concrete informatie over te verstrekken.
Met betrekking tot de inhoudelijke beoordeling van het verzoek
4.2.
Mocht de rechtbank tot het oordeel komen dat verzoekers ontvankelijk zijn in hun verzoek, dan stelt de rechtbank vast dat het verzoekschrift niet concreet vermeldt met ingang van welke datum en op welke wijze of grond - zie artikel 8 van Pro de statuten - het lidmaatschap van de leden van de vereniging is geëindigd.
De rechtbank zal mr. Paulissen verzoeken daar concrete informatie over te verstrekken.
4.3.
Het verzoekschrift vermeldt evenmin of het bestuur op enig moment een algemene vergadering heeft uitgeschreven waarin is besloten tot ontbinding, tot het aanwijzen van een vereffenaar en het aanwijzen van een doel waarvoor een eventueel, na liquidatie overblijvend, batig saldo zal worden aangewend.
De rechtbank zal mr. Paulissen verzoeken daar concrete informatie over te verstrekken.
4.4.
In afwachting van voormelde informatieverstrekking zal de rechtbank iedere verdere beslissing aanhouden.

5.De beslissing

De rechtbank verzoekt mr. Paulissen de in rov. 4.1. tot en met 4.3. gevraagde informatie per brief te verstrekken, uiterlijk te ontvangen op 26 november 2021.
Deze beschikking is gegeven door mr. W.E. Elzinga en in het openbaar uitgesproken. [1]

Voetnoten

1.type: WE