ECLI:NL:RBLIM:2021:8497

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
29 april 2021
Publicatiedatum
12 november 2021
Zaaknummer
C/03/291089 / HA RK 21-178
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 512 SvArt. 17 Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na einduitspraak rechtbank Limburg

De wrakingskamer van de rechtbank Limburg behandelde een verzoek tot wraking van een rechter dat was ingediend door verzoeker na het uitspreken van de einduitspraak in de hoofdzaak. Volgens artikel 512 van Pro het Wetboek van Strafvordering en het wrakingsprotocol van de rechtbank Limburg kan een wrakingsverzoek worden afgewezen indien het na de einduitspraak wordt ingediend.

In deze zaak werd vastgesteld dat het wrakingsverzoek op 26 maart 2021 werd ingediend, nadat de kantonrechter zijn beslissing had gegeven. Het proces-verbaal van de zitting bevestigde deze gang van zaken, welke niet door de verzoeker werd betwist.

De wrakingskamer oordeelde daarom dat het verzoek niet-ontvankelijk was en wees het af zonder inhoudelijke behandeling. De beslissing werd op 29 april 2021 openbaar gemaakt door de voorzitter en leden van de wrakingskamer.

Uitkomst: Wrakingsverzoek na einduitspraak wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond
Wrakingskamer
Zaaknummer: C/03/291089 / HA RK 21-178
Beslissing van de meervoudige kamer, belast met de behandeling van wrakingszaken
op het verzoek van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker,
dat strekt tot wraking van mr. F.H. Machiels, rechter in de rechtbank Limburg (hierna: de rechter).

1.De procedure

Verzoeker heeft op 26 maart 2021 de rechter direct na het uitspreken van zijn beslissing gewraakt.
Van de zitting is een proces verbaal opgemaakt dat op 20 april 2021 ter griffie van de wrakingskamer is ontvangen.

2.De beoordeling

Ingevolge het op grond van artikel 17 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften van overeenkomstige toepassing zijnde artikel 512 Wetboek Pro van Strafvordering kan op verzoek van een partij een rechter die een zaak behandelt, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
In artikel 4, lid 2, aanhef en sub d, van het wrakingsprotocol van de rechtbank Limburg (hierna: het wrakingsprotocol) is bepaald dat de wrakingskamer het verzoek tot wraking zonder behandeling ter zitting aanstonds ongegrond of niet-ontvankelijk kan verklaren indien het verzoek is ingediend na het tijdstip waarop in de hoofdzaak einduitspraak is gedaan.
Uit de in het proces-verbaal van de op 26 maart 2021 in het openbaar gehouden zitting weergegeven gang van zaken, die de verzoeker niet heeft betwist, blijkt dat de verzoeker de kantonrechter heeft gewraakt ná het tijdstip waarop deze zijn beslissing in de zaak had gegeven. Om die reden kan verzoeker niet in het wrakingsverzoek worden ontvangen.

3.De beslissing

De wrakingskamer:
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.B.T.G. Steeghs, voorzitter, mr. Y.J.C.A. Roeffen en mr. F.L.G. Geisel, leden, bijgestaan door mr. M.J.W.D. Janssen als griffier. De beslissing is openbaar gemaakt op 29 april 2021. [1]

Voetnoten

1.type: