Uitspraak
[minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,
Rechtbank Limburg
Deze zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling (GI) William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering om een schriftelijke aanwijzing aan de moeder van een onder toezicht gestelde minderjarige te bekrachtigen. De schriftelijke aanwijzing bevat verplichtingen voor de moeder, waaronder het respectvol communiceren met de jeugdzorgwerker, het stoppen van dagelijkse berichten, het openstaan voor hulpverlening en het niet belasten van de minderjarige met volwassen zaken.
De moeder oefent het ouderlijk gezag uit over de minderjarige, die een stoornis in het autismespectrum heeft en onder toezicht staat tot 1 september 2022. De minderjarige is uithuisgeplaatst met een machtiging geldig tot 1 maart 2022. De GI stelt dat de moeder zich niet aan de meeste verplichtingen houdt, wat de hulpverlening belemmert en de ontwikkeling van de minderjarige bedreigt. De moeder betwist de beperkingen in communicatie en stelt dat zij de minderjarige niet belast met volwassen zaken.
De kinderrechter oordeelt dat de schriftelijke aanwijzing een besluit is dat de GI bevoegd is te geven en dat de aanwijzing noodzakelijk is om concrete bedreigingen in de ontwikkeling van de minderjarige weg te nemen. De aanwijzing is proportioneel en redelijk, waarbij de moeder nog steeds beperkt contact mag hebben met de jeugdzorgwerker. De bekrachtiging is definitief en er is geen hoger beroep mogelijk.
De beschikking bekrachtigt de schriftelijke aanwijzing en wijst overige verzoeken af. De moeder moet zich houden aan de verplichtingen zoals omschreven, teneinde de hulpverlening te verbeteren en de ontwikkeling van de minderjarige te beschermen.
Uitkomst: De rechtbank bekrachtigt de schriftelijke aanwijzing aan de moeder en verplicht haar zich daaraan te houden ter bescherming van de minderjarige.