ECLI:NL:RBLIM:2021:9690
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning bouw supermarkt
Een vastgoedbeleggingsmaatschappij heeft bij de rechtbank Limburg een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening te treffen tegen een omgevingsvergunning die is verleend voor het vergroten en veranderen van een supermarkt en commerciële ruimten in Venlo.
De rechtbank oordeelt dat de verzoekster geen spoedeisend belang heeft bij het treffen van een voorlopige voorziening. De bouwwerkzaamheden zijn pas net gestart, en er is geen aannemelijk gemaakt onomkeerbare situatie die onmiddellijke bescherming vereist. De verzoekster, als eigenaar en verhuurder van een winkelcentrum, ondervindt geen directe overlast of onomkeerbare gevolgen van de bouwactiviteiten.
Ook de vrees voor toekomstige onomkeerbare gevolgen door het gebruik van de nieuwe supermarkt en parkeerplaatsen is onvoldoende concreet en niet spoedeisend. Financiële belangen van verzoekster zijn indirect en vormen geen reden voor een voorlopige voorziening. Het verzoek wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.