Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
[handelsnaam] ,
,
1.De procedure
- het exploot van dagvaarding van 21 oktober 2021,
- de mondelinge behandeling van 20 december 2021.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 498,00(vast tarief kort geding kanton verstek)
Rechtbank Limburg
Eisende partij verhuurde sinds november 2020 een appartement aan gedaagde tegen een maandelijkse kale huurprijs en voorschot voor gas, water en licht. Gedaagde raakte in betalingsachterstand en verscheen niet bij de mondelinge behandeling, noch verdedigde hij zich schriftelijk, waardoor verstek werd verleend.
Eisende partij vorderde ontruiming van het gehuurde, betaling van de achterstallige huur inclusief wettelijke rente, en een dwangsom voor het langer in bezit houden van het appartement. De kantonrechter oordeelde dat de ontruimingsvordering en betaling van de huurachterstand gegrond en niet onrechtmatig waren. De gevorderde dwangsom werd afgewezen omdat deze niet passend is bij een veroordeling tot betaling van een geldsom en omdat het vonnis zelf een executoriale titel vormt.
Gedaagde werd veroordeeld om binnen één maand na betekening het appartement te ontruimen en de sleutels af te geven, de huurachterstand inclusief rente te voldoen, en in de proceskosten te worden veroordeeld. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en geeft eisende partij het recht om zonder aparte machtiging ontruiming te effectueren.
Uitkomst: Gedaagde wordt bij verstek veroordeeld tot betaling van de huurachterstand inclusief rente en ontruiming van het appartement binnen één maand.