ECLI:NL:RBLIM:2021:9829
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen weigering omgevingsvergunning voor zwembad nabij perceelsgrens
Verzoeker heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het legaliseren van een reeds gerealiseerd zwembad dat op 1,5 meter van de zijdelingse perceelsgrens is gebouwd, terwijl het bestemmingsplan een minimale afstand van 3 meter voorschrijft. Verweerder heeft de vergunning geweigerd vanwege het bestemmingsplan en het risico op overlast en precedentwerking.
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit en verzocht om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelt dat aan de formele vereisten voor een voorlopige voorziening is voldaan en dat verzoeker een spoedeisend belang heeft, mede omdat verweerder voornemens is handhavend op te treden.
Hoewel verweerder stelt dat de andere aangehaalde zwembaden niet vergelijkbaar zijn, erkent de voorzieningenrechter dat verweerder mogelijk onvoldoende heeft gemotiveerd waarom afwijken van het bestemmingsplan niet mogelijk is. Verzoeker heeft bovendien een specifieke situatie aangevoerd, waaronder de afstand tot de achterburen en de bereidheid een geluidwerend scherm te plaatsen.
De voorzieningenrechter concludeert dat er een gerede kans bestaat dat het bezwaar tot een andere uitkomst leidt en schorst het bestreden besluit tot zes weken na de beslissing op het bezwaar. Verweerder wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar en verweerder moet handelen alsof de vergunning is verleend.