ECLI:NL:RBLIM:2022:10175
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling met stok in woning te Heerlen
De rechtbank Limburg behandelde de zaak van verdachte die werd beschuldigd van mishandeling van de aangever met een stok op 12 oktober 2020 te Heerlen. De zaak werd inhoudelijk behandeld na verwijzing door de politierechter. Zowel verdachte als de aangever deden aangifte van mishandeling, waarbij de verklaringen van beide partijen en hun naasten lijnrecht tegenover elkaar stonden.
De aangever stelde dat verdachte zijn woning binnenstormde en hem met een stok aanviel, terwijl verdachte betoogde dat hij werd aangevallen en zich verdedigde, waarbij een worsteling ontstond in de woning. De rechtbank constateerde dat de toedracht onduidelijk bleef en dat er geen overtuigend bewijs was om de lezing van de officier van justitie te ondersteunen.
De officier van justitie en de verdediging pleitten beiden voor vrijspraak op basis van noodweer. De rechtbank concludeerde dat niet buiten redelijke twijfel kon worden vastgesteld dat verdachte de mishandeling heeft gepleegd zoals ten laste gelegd. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastelegging.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor mishandeling met een stok.