ECLI:NL:RBLIM:2022:2682
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen ontheffing Wet Natuurbescherming
Verzoeker, wonende nabij de locatie waar een ontheffing Wet Natuurbescherming is verleend voor sloopwerkzaamheden, verzocht om een voorlopige voorziening om de ontheffing te schorsen. Hij stelde dat er geen noodzaak was om de gewone dwergvleermuizen uit de kerk te verdrijven, aangezien de bouwwerkzaamheden pas in 2024 starten.
De vergunninghouder heeft verklaard dat er geen uitvoeringshandelingen op grond van de ontheffing hebben plaatsgevonden en heeft toegezegd geen gebruik te maken van de ontheffing zolang het bezwaar nog in behandeling is. De behandeling van het bezwaar staat gepland voor mei 2022.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker daardoor geen spoedeisend belang meer had bij de schorsing van de ontheffing. Omdat verzoeker met de toezegging van de vergunninghouder voldoende is gebaat, kan hij zonder nadeel de beslissing op bezwaar afwachten. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.