ECLI:NL:RBLIM:2022:2831
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek vergoeding advocaatkosten na niet-ontvankelijkverklaring strafzaak
De officier van justitie besloot de verzoeker niet verder te vervolgen, waarmee de strafzaak zonder strafoplegging eindigde. Verzoeker vroeg vergoeding van advocaatkosten, inclusief uren in de piketfase.
De rechtbank oordeelde dat de advocaat deelnam aan de piketregeling, waarbij werkzaamheden in die fase op toevoegingsbasis horen te worden verricht. Verzoeker had ongunstige afspraken gemaakt door de advocaat op uurtarief te laten werken in de piketfase, waardoor hij onnodig zijn schade vergrootte.
De rechtbank wees de vergoeding van de drie uren in de piketfase af, maar kende wel vergoeding toe voor de overige uren en de kosten van het verzoek zelf. De totale toegekende vergoeding bedroeg €4.306,98. Tegen de uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank kent een vergoeding toe van €4.306,98 en wijst de vergoeding van uren in de piketfase af.