ECLI:NL:RBLIM:2022:4491

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
8 juni 2022
Publicatiedatum
13 juni 2022
Zaaknummer
C/03/300766 / HA ZA 22-26
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering tot vrijwaring en oproeping derde in civiele procedure over leveringsgeschil

In deze civiele procedure tussen Novaforest Products B.V. en Eurema B.V. staat een geschil omtrent de nakoming van een koopovereenkomst centraal. Novaforest vordert betaling wegens tekortkoming door Eurema, terwijl Eurema een lease agreement met VandeWijk Trading Limited aanvoert en vordert dat deze derde in vrijwaring wordt opgeroepen.

Eurema stelt dat door fraude met exportdocumenten en lading door Novaforest en/of VandeWijk de uitvoering van de contracten onmogelijk is geworden. Novaforest heeft geen bezwaar tegen de oproeping van VandeWijk in vrijwaring.

De rechtbank oordeelt dat de vordering tot oproeping in vrijwaring moet worden toegewezen omdat de aangevoerde gronden niet zijn weersproken. De proceskosten van het incident worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De hoofdzaak wordt voortgezet met een nieuwe rolzitting gepland.

Het vonnis is gewezen door rechter I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De vordering tot oproeping van VandeWijk Trading Limited in vrijwaring wordt toegewezen en de proceskosten van het incident worden gecompenseerd.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/300766 / HA ZA 22-26
Vonnis in incident van 8 juni 2022
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
NOVAFOREST PRODUCTS B.V.,
gevestigd te Emmen,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat mr. B.J.P. Toonen,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
EUREMA B.V.,
gevestigd te Maastricht,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat mr. E.A.M. Heijdra.
Partijen zullen hierna Novaforest en Eurema genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding met producties 1 t/m 11
  • de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring met producties 1 t/m 3
  • de incidentele conclusie van antwoord.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2.Het geschil

in de hoofdzaak
2.1.
Novaforest stelt dat Eurema tekort is geschoten in de nakoming van haar leveringsverplichting die voortvloeit uit een koopovereenkomst die partijen gesloten hebben. Novaforest heeft de overeenkomst buitengerechtelijk ontbonden en zij vordert uit dien hoofde dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Eurema zal veroordelen om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan haar te betalen:
1. een bedrag van € 667.520,00 vermeerderd met de wettelijke handelsrente (8%) vanaf
21 oktober 2021 (datum verzuim) tot aan de dag van algehele voldoening;
2. de buitengerechtelijke kosten van € 5.112,60;
3. de proceskosten en de nakosten.
in het incident
2.2.
Eurema vordert dat haar wordt toegestaan VandeWijk Trading Limited (hierna: VandeWijk) gevestigd althans kantoorhoudend te Hong Kong (China) in vrijwaring op te roepen. Eurema stelt dat tussen haar en Novaforest op 18 december 2020 een lease agreement gesloten is. Volgens Eurema is Novaforest een dochteronderneming van VandeWijk. Eurema voert aan dat VandeWijk op basis van de lease agreement diverse orders heeft geplaatst. De betalingen voor deze bestellingen zijn gedaan door Novaforest namens VandeWijk. Eurema stelt dat zij schade heeft geleden ten gevolge van fraude door Novaforest en/of VandeWijk met (export)documenten en met lading ten gevolge waarvan de uitvoering van de koopcontracten en van de lease agreement onmogelijk is geworden voor Eurema.
2.3.
Novaforest heeft geen bezwaar tegen de oproeping in vrijwaring.

3.De beoordeling in het incident

3.1.
De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen.
3.2.
Nu geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij kan worden beschouwd, zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

4.De beslissing

De rechtbank
in het incident
4.1.
staat toe dat VandeWijk Trading Limited door Eurema wordt gedagvaard tegen de terechtzitting van
7 december 2022,
4.2.
compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
in de hoofdzaak
4.3.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
20 juli 2022voor conclusie van antwoord alsmede voor opgave verhinderdata aan de zijde van beide partijen voor een mondelinge behandeling in de periode 1 januari 2023 tot en met juni 2023.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken. [1]

Voetnoten

1.type: AH